Nieuws

Natuur- en milieuorganisaties hebben vanaf 2007 hun aanhang sterk zien dalen. Onderzoek van Vroege Vogels naar de ‘groene’ achterbannen toont aan dat in 2015 het aantal donateurs en leden nu weer in een klein liftje omhoog zit. Het gaat om circa 50.000 mensen per saldo meer dan vorig jaar. De cijfers zijn zondag 20 december in het radioprogramma Vroege Vogels bekend gemaakt.

Directe groene leefomgeving leeft!
In 2015 is het aantal donateurs en leden van de twaalf provinciale Landschappen in totaal gestegen. Gezamenlijk vertegenwoordigen de Landschappen nu een achterban van 309.330 huishoudens, in december 2014 waren dat er 308.377. De stijging van een kleine 1.000 personen toont aan dat de directe groene leefomgeving leeft bij mensen. Dat is heel belangrijk, want zonder een grote achterban verdwijnt het belang van natuur en landschap van de politieke agenda.

Betrokken
De achterban van de provinciale Landschappen wordt gekenmerkt door een blijvende betrokkenheid. Zagen we enkele jaren geleden nog schommelingen, deze lijkt zich nu te hebben gestabiliseerd. De Landschappen weten de burgers te betrekken bij de natuur en landschap in de eigen provincie. Met de gezamenlijke, landelijk gecoördineerde, wervingscampagne die dit najaar is georganiseerd werd dat ook bevestigd. 

Beleven
Mede dankzij deze achterban kunnen de provinciale Landschappen natuur, landschap en cultureel erfgoed beschermen en beheren. En beleefbaar maken dankzij de vele wandel- en fietspaden en excursies voor jong en oud. Gezamenlijk bezitten en beheren ze ruim 110.000 hectare natuur. De organisaties zijn van oudsher geworteld in de provincie en werken op alle mogelijke terreinen samen met partners uit de provincie.

De 12 provinciale Landschappen
Het Groninger Landschap, It Fryske Gea, Het Drentse Landschap, Landschap Overijssel, Geldersch Landschap & Kasteelen, Het Flevo-landschap, Het Utrechts Landschap, Landschap Noord-Holland, Het Zuid-Hollands Landschap, Het Zeeuwse Landschap, Het Brabants Landschap en Het Limburgs Landschap.