Nieuws

Er is op dit moment wat ophef op Twitter over een vermeende dunning midden in het broedseizoen op de Groote Heide in Geldrop. Er zou in dit gebied, nabij de Hut van Mie Pils in Aalst, op dit moment een fikse dunning plaatsvinden.

Dit is een uiterst merkwaardige aanname, omdat de werkzaamheden van Brabants Landschap daar eind februari zijn gestopt. Brabants Landschap verricht geen beheerswerkzaamheden tijdens het broedseizoen. Hoe dit verhaal de wereld in komt is onbekend. Het zou mogelijk zijn dat er momenteel werkzaamheden plaatsvinden bij andere terreineigenaren. Zij moeten zich dan wel houden aan de gedragscode bosbeheer die het Rijk voorschrijft. Hierbij dient men te inventariseren op vogels, nesten, holen en mierenhopen om alleen daar werkzaamheden uit te voeren waar geen verstoring plaats kan vinden.

 

Dunningen worden verricht om de biodiversiteit te verhogen van bosranden en om voormalige productiebossen om te vormen naar een meer biodivers gemengd bos. Om de heide in stand te houden, worden jonge vliegdennen gerooid voor ze tot volledige wasdom komen. Een aantal bosjes zijn verkleind om de heide groter te maken, hier profiteren kwetsbare diersoorten van als boomleeuwerik, nachtzwaluw en blauwvleugelsprinkhaan. Dit is conform provinciaal beleid waar Brabants Landschap achter staat. Heide is schaars in ons land. Juist hier, maar ook nog op de Veluwe zijn nog heideterreinen te vinden van enige omvang. Die moeten we koesteren vanwege de grote biodiversiteit die er zich heeft ontwikkeld in de loop van eeuwen. Daar zijn we zuinig op.

 

Het hout dat vrijkomt, is een bijproduct van regulier beheer. Brabants Landschap kijkt erop toe dat dit hout duurzaam gebruikt wordt, dikkere stammen worden verwerkt tot timmerhout en de restanten en onbruikbare delen worden verwerkt tot energiehout. Brabants Landschap streeft daarbij nimmer naar een economisch, maar altijd naar een ecologisch doel.

 

Het hout wat nu nog aan de randen van de heide ligt, is een restant van de werkzaamheden van afgelopen winter. Door slechte weersomstandigheden voorafgaand aan het broedseizoen, bestond het gevaar dat de kwetsbare heide kapot gereden zou worden. Om die reden is besloten het hout pas na het broedseizoen af te voeren. Het betekent wel dat het er op dit moment wat ‘slordig’ uit ziet omdat er nog veel hout is achtergebleven. Voor de natuur is dit echter geen enkel bezwaar. Dood hout doet immers leven.